Volgens mij is het heel simpel.
Je uitgangspunt voor een vleesbot is altijd dat ie voor 50% uit vlees en voor 50% uit bot bestaat. En gebaseerd daarop voer je ongeveer 45% vleesbot. Zo ziet de ideale wereld eruit. En zo ziet het ideale vleesbot eruit. Maar we weten allemaal dat de ideale wereld niet bestaat, doch, geen nood
Stick with me
Wanneer je 45% vleesbot op het totaal geeft, voer je dus 22,5% bot. Kaal. Ongeveer. Zo krap komt dat niet hoor, ook hier heb je speling. Een hond heeft ergens tussen de 15% en 25% bot (kaal!) nodig. Ik heb een berekening gedaan voor een pup (calcium/fosfor en de hele mikmak) en kwam op een ideaal percentage uit van 45% vleesbot, zeg dus tussen de 20% en 24% kaal bot. Maar, in dit detail hoef je allemaal helemaal niet te gaan. Zo krap komt het allemaal niet! Je voert ergens tussen de 30% en 60% vleesbot en dan komt het goed met je hond. Ik vind 30% zelf erg laag, maar er zijn honden die meer dan 30% vleesbot niet kunnen verdragen, ook al is het vleesbot rijk bevleesd. En die voer je dan dus gewoon minder vleesbot, klaar. Er zijn honden die losse ontlasting blijven houden op 50% vleesbot. Die doen het beter op 55%. Die voer je 55%, klaar.
En geef je dan iets meer vleesbotten waar wat meer vlees dan bot aan zit, is er niks aan de hand. Voer je misschien gemiddeld 20% bot, kaal. Da's ook prima.
Wanneer je structureel vleesbotten voert die echt veel meer vlees dan bot bevatten, gaat er iets mis met je vleesbotten percentage, als je op 45% vleesbot blijft zitten. Want je uitgangspunt is namelijk een vleesbot dat voor de helft uit spiervlees en voor de helft uit bot bestaat. Nu hoef je vleesbotten niet uit elkaar te plukken. Ja, dat is best leerzaam maar nogmaals, zo krap komt het allemaal niet. Vertrouw op je ogen. Als je vleesbotten voert die structureel echt veel meer spiervlees dan bot bevatten (zo op het oog gegokt bijvoorbeeld drie kwart spiervlees en een kwart bot), dan ga je gewoon in totaal wat meer vleesbot voeren. Bijvoorbeeld 50%. Of 55%. Of 60% zelfs. Kijk naar de ontlasting van je pup. Zijn de drollen keihard? Dat is voor een keertje niet erg maar structureel keiharde poep is niet de bedoeling. Dus voer je wat minder vleesbot.
Voer je structureel vleesbotten die veel meer bot dan spiervlees bevatten, gaat dat ook mis. Dat zijn sowieso geen ideale botten maar als je je structureel kale botten voert en je voert 45% vleesbot, krijg je in de regel veel te harde ontlasting. Dus geef je minder vleesbot. Probeer eens 40%. Of 35% zelfs. Of, als je echt te kale botten voert, 30%. Je hoeveelheid ander spul gaat dan zelf omhoog. Omdat je immers 100% voert.
Dus, stel je voert 45% vleesbot met vleesbotten die structureel veel vlees bevatten en je voert de volgende percentages:
45% vleesbot
10% groenten
20% orgaanvlees (waarvan 10% pens en 10% andere organen)
25% spiervlees
dan ga je bijvoorbeeld deze percentages voeren:
50% vleesbot
10% groenten
20% orgaanvlees
20% spiervlees
En als je vleesbotten hebt die structureel te kaal zijn en je voert deze percentages:
45% vleesbot
10% groenten
20% orgaanvlees
25% spiervlees
dan ga je voeren:
35% vleesbot
10% groenten
20% orgaanvlees
35% spiervlees
En voila, je kale bot percentage blijft zo ongeveer rond de 20%
En nogmaals, je moet niet in de stress schieten nu want het komt allemaal niet zo krap. In de regel hebben mensen gedurende de week vleesbotten met veel spiervlees en vleesbotten met minder spiervlees. Ze voeren bijv. 2 keer per week ribben die voor de helft uit vlees en de helft uit bot bestaan. Ze voeren 1 keer per week een lamskop die echt zo kaal is als een knikker. Ze voeren bijv. 2 keer per week kippenpoten, die voor meer dan de helft uit spiervlees bestaan en echt weinig bot bevatten. En ze voeren dan nog een keer nekken die voor de helft uit spiervlees en de helft uit bot bevatten. Ehhh, zo even met de natte vinger: ziet er prima uit. Zo krap komt het niet namelijk. De ene keer een beetje van dit en de andere keer een beetje van dat, is gegokt wel 45% vleesbot dat voor de helft uit spiervlees en voor de andere helft uit bot bestaat. En, je hebt marge genoeg.
Als je dus 5 keer in de week karkassen voert waar echt meer spiervlees aan zit dan bot en 2 keer in de week voer je vleesbotten die voor de helft uit spiervlees en de andere helft uit bot bestaan, ga je gewoon meer vleesbot op het totaal voeren. En dan moet je denken aan 50%. Of 55%.
En als je 5 keer in de week kale knikkers voert en 2 keer in de week vleesbotten die voor de helft uit spiervlees en de andere helft uit bot bestaan, voer je met 45% waarschijnlijk teveel bot. En dus ga je bijv. 35% vleesbot voeren.
En voila, je gemiddelde aan kaal bot is rond de 20% (kaal dus!).
En omdat wij niet graag over kaal bot praten op Barfplaats (puur omdat wij niet van kaal bot houden), praten we over vleesbot. En ergens tussen de 40% en 50% vleesbot (zoals wij dat hier adviseren) biedt voldoende ruimte maar met dat percentage vleesbot zit je ook gewoon altijd goed (tenzij je een hond hebt - met spijsverteringsproblemen - die meer of minder vleesbot nodig hebben).