Bericht in Nieuwsbrief v.e dierenarts, positief of negatief?
Geplaatst: wo 31 okt 2012, 20:34
Diepvriesvoer voor honden
Diepvriesvoeren voor de hond zijn erg in opkomst en dat is op zich niet verkeerd. De commercie ruikt echter zijn kansen en het diepvriesvoer hoeft in tegenstelling tot brokvoer nog nauwelijks aan wettelijke eisen te voldoen. Als consument moet u daarom wel extra kritisch zijn.
Kwaliteit
Alle van dieren afkomstige producten moeten officieel voldoen aan dezelfde eisen die ook voor humane consumptie gelden. Hondenvoer is echter een makkelijk achterdeurtje om afgekeurd vlees kwijt te raken. Hoed u dus voor handige figuren die u op deze wijze aan een partijtje goedkoop vlees helpen.
Vers vlees versus rauw vlees
Het meeste verse vlees dat is bestemd als diervoeding wordt aangeboden als diepvriesvlees. Invriezen vermindert een aantal risico’s van dergelijke voeding maar bij het woord ‘vers’ kan dus ook een product horen dat al veel te lang in de diepvries heeft gelegen.
Compleet
Veel diepvriesvoeren zijn geen compleet voer. ‘Compleet voer’ is een wettelijke vastgelegd begrip en mag dus alleen op diervoeding staan als dit werkelijk het geval is. Handige omschrijvingen als ‘totaalvoeding’ zijn bedoeld om u om de tuin te leiden!
Indien een diepvriesvoer een compleet voer is staat dit op de verpakking. Het betekent dat het voer
voldoet aan de minimum wettelijke eisen die er gesteld worden aan dit soort voeren en dat er naast dit voer in principe geen ander voer hoeft te worden gegeven.
Alleen vlees
In tegenstelling tot wat veel gedacht wordt zijn honden van oorsprong vleeseters maar heeft de soort zich in de evolutie aangepast aan het eten van niet-dierlijke producten. De hond is net als de mens een omnivoor (in tegenstelling tot de kat). Dat betekent dat alleen vlees minder natuurlijk is dan vaak wordt gesuggereerd.
Botten en calcium
Al decennia is bekend dat met name grote hondenrassen in de groei erg gevoelig zijn voor een teveel van (of scheve verhouding van) calcium en fosfor in het voer. Wat in veel diepvriesvleesmixen opvalt is het verhoudingsgewijs hoge percentage (gemalen) bot: tot wel 25% . Een dier heeft voor het slachten gemiddeld 4-5 % bot. Dus op deze wijze krijgt de hond veel meer bot (en calcium en fosfor) binnen dan natuurlijk is. Dit is het gevolg van het feit dat voor deze vorm van diervoeding veelal karkassen worden gebruikt waarvan het echte vlees al is verwijderd (bijvoorbeeld bij de kip zijn de poten en de borstfilet al voor humane consumptie weggenomen). Voor volwassen honden kan een dergelijke overmaat aan bot (mineralen) niet direct kwaad. Voor jonge honden van snel groeiende rassen is dit niet echt aan te raden.
Besmettingsgevaar
Ook als het verkregen vlees aan humane consumptie-eisen voldoet (hetgeen dus een wettelijke verplichting is) kan het besmet zijn met allerlei bacteriën die ook voor de mens een risico vormen (bijvoorbeeld salmonella en campylobacter, yersinica, listeria ). De productie, het slachtproces en de controles zijn namelijk niet ingericht om producten te leveren die rauw gegeten moeten worden. Alle vlees voor humane consumptie dient eerst verhit te worden. Varkenslever bijvoorbeeld is regelmatig met salmonella besmet maar wie eet er nu als mens rauwe lever..
Verhalen als dat de maag van hond of kat alle bacteriën zou doden zijn onjuist. Op zijn gunstigst zijn de bacteriën even niet in staat om zich verder te delen.
Het risico geldt niet alleen voor uw hond of kat maar ook voor u als mens. Vooral kinderen kunnen zich gemakkelijk infecteren met dergelijke van dier op mens overdraagbare infecties (zoönose). Immers ook als de hond niet ziek wordt kan (indirect) contact met de bek, de vacht en de uitwerpselen een besmetting opleveren. Maar ook bij het verwerken van rauwe producten in de eigen keuken kunnen door kruisbesmetting (via handen of voorwerpen) bacteriën gemakkelijk overgebracht worden op ons eigen voedsel.
Via sla brood en dergelijke kunnen dan ernstige ziekteverschijnselen ontstaan.
Diepvriesvoeren voor de hond zijn erg in opkomst en dat is op zich niet verkeerd. De commercie ruikt echter zijn kansen en het diepvriesvoer hoeft in tegenstelling tot brokvoer nog nauwelijks aan wettelijke eisen te voldoen. Als consument moet u daarom wel extra kritisch zijn.
Kwaliteit
Alle van dieren afkomstige producten moeten officieel voldoen aan dezelfde eisen die ook voor humane consumptie gelden. Hondenvoer is echter een makkelijk achterdeurtje om afgekeurd vlees kwijt te raken. Hoed u dus voor handige figuren die u op deze wijze aan een partijtje goedkoop vlees helpen.
Vers vlees versus rauw vlees
Het meeste verse vlees dat is bestemd als diervoeding wordt aangeboden als diepvriesvlees. Invriezen vermindert een aantal risico’s van dergelijke voeding maar bij het woord ‘vers’ kan dus ook een product horen dat al veel te lang in de diepvries heeft gelegen.
Compleet
Veel diepvriesvoeren zijn geen compleet voer. ‘Compleet voer’ is een wettelijke vastgelegd begrip en mag dus alleen op diervoeding staan als dit werkelijk het geval is. Handige omschrijvingen als ‘totaalvoeding’ zijn bedoeld om u om de tuin te leiden!
Indien een diepvriesvoer een compleet voer is staat dit op de verpakking. Het betekent dat het voer
voldoet aan de minimum wettelijke eisen die er gesteld worden aan dit soort voeren en dat er naast dit voer in principe geen ander voer hoeft te worden gegeven.
Alleen vlees
In tegenstelling tot wat veel gedacht wordt zijn honden van oorsprong vleeseters maar heeft de soort zich in de evolutie aangepast aan het eten van niet-dierlijke producten. De hond is net als de mens een omnivoor (in tegenstelling tot de kat). Dat betekent dat alleen vlees minder natuurlijk is dan vaak wordt gesuggereerd.
Botten en calcium
Al decennia is bekend dat met name grote hondenrassen in de groei erg gevoelig zijn voor een teveel van (of scheve verhouding van) calcium en fosfor in het voer. Wat in veel diepvriesvleesmixen opvalt is het verhoudingsgewijs hoge percentage (gemalen) bot: tot wel 25% . Een dier heeft voor het slachten gemiddeld 4-5 % bot. Dus op deze wijze krijgt de hond veel meer bot (en calcium en fosfor) binnen dan natuurlijk is. Dit is het gevolg van het feit dat voor deze vorm van diervoeding veelal karkassen worden gebruikt waarvan het echte vlees al is verwijderd (bijvoorbeeld bij de kip zijn de poten en de borstfilet al voor humane consumptie weggenomen). Voor volwassen honden kan een dergelijke overmaat aan bot (mineralen) niet direct kwaad. Voor jonge honden van snel groeiende rassen is dit niet echt aan te raden.
Besmettingsgevaar
Ook als het verkregen vlees aan humane consumptie-eisen voldoet (hetgeen dus een wettelijke verplichting is) kan het besmet zijn met allerlei bacteriën die ook voor de mens een risico vormen (bijvoorbeeld salmonella en campylobacter, yersinica, listeria ). De productie, het slachtproces en de controles zijn namelijk niet ingericht om producten te leveren die rauw gegeten moeten worden. Alle vlees voor humane consumptie dient eerst verhit te worden. Varkenslever bijvoorbeeld is regelmatig met salmonella besmet maar wie eet er nu als mens rauwe lever..
Verhalen als dat de maag van hond of kat alle bacteriën zou doden zijn onjuist. Op zijn gunstigst zijn de bacteriën even niet in staat om zich verder te delen.
Het risico geldt niet alleen voor uw hond of kat maar ook voor u als mens. Vooral kinderen kunnen zich gemakkelijk infecteren met dergelijke van dier op mens overdraagbare infecties (zoönose). Immers ook als de hond niet ziek wordt kan (indirect) contact met de bek, de vacht en de uitwerpselen een besmetting opleveren. Maar ook bij het verwerken van rauwe producten in de eigen keuken kunnen door kruisbesmetting (via handen of voorwerpen) bacteriën gemakkelijk overgebracht worden op ons eigen voedsel.
Via sla brood en dergelijke kunnen dan ernstige ziekteverschijnselen ontstaan.